Herman Schippers.
Herman Schippers. Eigen Foto
COLUMN

‘Nederlands leren, maar hoe?’

Overig

HAARLEM Het Haarlems Weekblad plaatst twee keer in de maand een column van Stem in de Stad. Deze organisatie zet zich in voor Haarlemmers die het moeilijk hebben en kijkt om naar kwetsbare mensen die in nood zijn, naar mensen die niet altijd gehoord of gezien worden. Deze week is het woord aan Herman Schippers, vrijwilliger Nieuwe Wereldhuis.


“Hi Herman, hou is joe?” Ik zie Brian (niet de echte naam, red.) op mijn beeldscherm verschijnen, zwaaien, lachen. Deze Engelsman die kampt met fysieke ongemakken, beperkte contacten in de Haarlemse samenleving en een wonderbaarlijke opgewektheid, maakt deel uit van een conversatiegroep van Stem in de Stad. Omdat deze groep nu alleen heel beperkt bij elkaar kan komen, heb ik met Brian een wekelijkse privéles via zoom. Noodgedwongen zit hij in Nederland en daar wil hij integreren. Als hij een poging doet Nederlands te spreken kan bijna niemand hem verstaan door zijn belabberde uitspraak.

Op zijn tablet ziet hij mijn tekst verschijnen. Ik koos het eenvoudige boekje ‘Bij uil thuis’. Brian doet zijn best: “Baaj ojl taus”. We herhalen en zowaar, met enig succes. Dit waren wel heel gemene Nederlandse klanken. We gaan door. Er staat: “Uil zit bij het vuur.” Brian leest: “Uul zit by het vujer.” Ik hoor u denken: Moet je die man zo martelen? Nou, dat valt wel mee omdat hij Nederlands wil leren en ook omdat we het best gezellig hebben samen. Op straat schakelt iedereen onmiddellijk over op het Engels, maar daar leert hij geen Nederlands van en dat wil hij wel.

We leggen het boekje weg; tijd om even te babbelen. Ik begin over Harry, Meghan en de Windsors. Het is niet nodig om dit vuurtje aan te blazen om Brian helemaal leeg te laten lopen. Verontwaardiging over het Britse koningshuis en ook over de tabloids, de schreeuwerige Britse roddelbladen. Zeker als er emotie bij komt, schakel je graag over op je eigen taal, maar dan heb ik een probleem. Moet ik hem de kans geven zich spontaan te uiten, of zal ik hem afremmen door hem Nederlands te laten praten. We zitten niet voor niets in een les Nederlands. Ik begrijp zijn probleem, maar hij begrijpt ook mijn probleem. We lachen er samen om en zo modderen we ons door de conversatie heen.

Waarom doe ik dit eigenlijk? In de eerste plaats omdat het leuk is, maar ook een beetje voor Brian die, vooral in deze maanden, eenzaam worstelt met zijn ongemakken en via de taal zich een plekje wil verwerven in onze samenleving. Het is plezier voor twee.

Herman Schippers.



advertentie
advertentie