De gemeente heeft echter een norm gesteld voor nieuw te bouwen woningbouwprojecten. De bebouwing moet bestaan uit 30 procent sociale huurwoningen, 40 procent betaalbare huur- of koopwoningen en 30 procent duurdere woningen. In eerste instantie voldeed het plan niet aan deze normen. Er waren zeventien appartementen bestemd voor zorgwoningen met een betaalbare huur, waardoor er veel eengezinswoningen in het dorp voor jonge gezinnen zouden vrijkomen. Het project zou ook kansen bieden voor starters en mensen met een middeninkomen op een huurwoning in het middensegment. Daardoor hoopte de projectontwikkelaar van de norm af te mogen wijken.

Maar de gemeenteraad was hier in de commissievergadering van 10 maart nogal verdeeld over. Veel raadsleden wilden de 30/40/30 norm handhaven. In de hierop aangepaste plannen ziet de ontwikkelaar nu de mogelijkheid om aan deze norm te voldoen. Wel stelt de ontwikkelaar dat de sociale woningbouw dan alleen gerealiseerd kan worden als er een extra bouwlaag toegevoegd kan worden. Ook dient de parkeernorm verlaagd te worden tot 1,1 per woning. De parkeernorm blijft echter nog een discussiepunt. De gemeente is bang dat er dan in de buurt geparkeerd gaat worden.

Voor de sociale verhuur wil de projectontwikkelaar bij voorkeur een particuliere belegger interesseren, omdat woningbouw corporaties weinig investeringsruimte hebben. Mocht zich toch een corporatie aandienen dan is de ontwikkelaar zeker bereid daarmee in gesprek te gaan.

Wijnand Burger